publiciste en mythosoof | |||||||||||
| | |
Hier een leuk interview met Marit de Jong over relatieshit!
Ode column: Heks Wat is een heks? Ik bedoel niet de nieuwe heksen van de Wicca-beweging, die gezellig samen rituelen uitvoeren gebaseerd op romantische ideeën over natuurreligies. Ik vraag me af: wat symboliseren de heksen in sprookjes – de lelijke, gemene oude vrouwen die kinderen lokken en eten, mensen in steen of in dieren veranderen, en die aan het eind van het verhaal in de oven belanden of in een ton met spijkers aan de binnenkant de helling af het meer in rollen? Pas als zij overwonnen en gedood zijn, kan het bruiloftsfeest losbarsten. Waarom zijn er zoveel van die heksen in, zeg, de sprookjes van Grimm? “Mensen haten oude vrouwen,” zei een oudere feministe tegen me op samenzweerderige toon, “daarom maken ze er heksen van.” Maar het zijn juist oude vrouwen zelf die sprookjes doorvertelden en verzamelden. De gebroeders Grimm schreven ze alleen maar op. Haten oude vrouwen dan andere oude vrouwen en zo ja, waarom? In de film ‘Snowwhite and the Huntsman’ is de boze koningin boos omdat ze er niet tegen kan dat ze oud wordt en rimpels krijgt. Als ze jonge mensen het hart uitrukt, verdwijnen die rimpels weer. En haar Toverspiegel heeft haar verteld dat het hart van Sneeuwwitje haar het eeuwige leven zou bezorgen, omdat Sneeuwwitje een reine maagd is. Daarom probeert ze haar te pakken te krijgen, om haar te vernietigen. De film vond ik behalve spannend en knap getrukeerd ook erg kitscherig, maar het thema van de vrouw die een monster wordt omdat ze weigert oud te worden, blijft me bij. Uiteindelijk is het angst voor de dood die haar kwelt, maar er staat nog iets vóór: angst voor het verlies aan schoonheid. En dat betekent: angst voor het verlies aan seksuele macht. In de film wordt zijdelings gehint dat de boze koningin als kind getraumatiseerd is, dat ze zeer geleden heeft onder mannen en daarom geen man meer kan liefhebben. Maar vrouwen kan ze ook niet liefhebben, vooral jonge vrouwen niet, daarvoor is ze te jaloers. En dieren, planten, de hele natuur haat ze ook. Alles wordt dor in haar rijk, omdat zij weigert haar lichaam te laten verdorren. Wat is er toch zo erg aan oud worden, voor vrouwen? Haten ‘ze’ ons, oude vrouwen, echt? Nooit iets van gemerkt, eerlijk gezegd. Wat ik wel constateer, is wat Germaine Greer jaren geleden ook al zei: als je haar grijs wordt, je vlees gaat hangen en je vel begint te rimpelen word je voor jonge mensen, zowel mannen als vrouwen, een beetje onzichtbaar. Op straat merk je vaak dat mensen dwars door je heen kijken, in restaurants moet je meer moeite doen om de aandacht van het personeel te trekken. Daar kun je wel iets aan doen – bijvoorbeeld door je haar te verven, opvallende kleren te dragen, grote hoeden op te doen en felle lippenstift. Of door heel hard te praten, met zo’n zware oude-vrouwen-sigaretten&whiskey-stem. Of door te proberen om mensen te manipuleren met je emotionele macht, zoals de heksen in sprookjes. Maar je kunt ook denken: als ik aan de buitenkant begin te vervagen, gaat het nu kennelijk meer om de binnenkant. Ik zal toch niet de enige zijn die merkt dat ze gevoeliger wordt met het klimmen der jaren? En ja, ik kan zomaar ineens overvallen worden door een verschrikkelijke weemoed. Zeker in de herfst, als het kaler en leger wordt buiten en je weet: alles verdwijnt, alles vergaat, het licht neemt af en de bloemen sterven. Maar veel vaker word ik overvallen door een overweldigend gevoel van dankbaarheid. Wat zijn we toch omringd door wonderen, door betoverende magie en immense mysteries. Wat is de natuur prachtig, ook in haar stervensfase. Wat goed dat ik ook mee mag sterven, ooit. Eigen Wijze Vrouwen op de thee!
Wil je mij bij je thuis voor een inspirerende avond of middag over de overgang? Dat kan! Nodig je vriendinnen uit en ik kom.
Hoe werkt het? Als gastvrouw stel je je zitkamer beschikbaar en zet je thee. Je nodigt minimaal 8 gasten uit - dat zullen doorgaans vrouwen zijn tussen 45 en 60 jaar, maar jonger of ouder mag natuurlijk ook en zelfs belangstellende mannen hoef je wat mij betreft niet te weren. Ik houd een inleiding van een half uur tot drie kwartier en daarna gaan we plenair of in groepjes ervaringen uitwisselen. Het boek ‘Spiritueel door de overgang&rsquo is ter plekke te koop.
Wat kost het? € 20 per persoon, met een minimum van 8 betalende gasten, plus mijn reiskosten (€ 0,19 per km). Voor grotere groepen dan 20 personen, en voor adressen buiten een straal van 130 km vanaf Amsterdam maak ik graag een aparte financiële afspraak.
Voor het maken van een afspraak zie Contact In de Volkskrant verscheen op 5 juli: Babyboom in de overgangDe babyboomers idealistisch? Ja, toen ze jong waren, net als alle jongeren. Maar daarna werden ze cynisch en materialistisch. Als het tij nu weer keert, komt dat door de voortschrijdende ouderdom. Is de babyboom de meest idealistische generatie uit de wereldgeschiedenis, zoals Tijn Touber in deze krant beweerde? En werden velen van ons daarna tegen hun zin opgeslokt door de economie? Dat is te veel eer, vrees ik. Er is iets anders aan de hand. De tijdgeest wordt al sinds een halve eeuw voornamelijk bepaald door de generatie geboren tussen 1946 en 1964, domweg omdat wij altijd met zovelen waren en dat zijn we nog. Ook nu nog zie je de geboortepiek na de oorlog terug in de bevolkingscijfers van het CBS: er zijn 234.000 mensen van 64 jaar oud en 200.000 van 32. En er zijn 248.000 vijftigjarigen, tegenover 203.000 van 25 jaar. Die babyboomgeneratie die als een bult door de bevolkingscijfers loopt, veranderde toen ze ouder werden. Niet de babyboomers werden tragisch opgeslokt door de voortrazende economie, nee, de economie ging harder razen omdat de babyboomers zich erin stortten. Kwestie van ouder worden. "Het kind is realist, de jongeling idealist, de volwassene cynicus en de grijsaard mysticus," volgens Goethe. Jongeren zijn idealistisch, omdat ze wel de intelligentie hebben om te zien wat er allemaal mis is in de wereld, maar nog niet weten hoe moeilijk het is om het zelf beter te doen. Toen wij jong waren, stond de vlag in de hele maatschappij op 'idealistisch'. Hoewel, het moet gezegd, veel van onze idealen draaiden om genot. Rechten zonder plichten, vrijheid zonder verantwoordelijkheid. Maar geld belangrijk vinden was taboe, evenals hechten aan trouw. Seksuele bevrijding, feminisme, het milieu, daar ging het om. En vooral: het afschaffen van alle soorten hiërarchie. We kunnen er nog steeds blij mee zijn. Intussen werden we volwassen, en cynisch. De ervaring wees uit: een betere wereld neuk je niet zomaar bij elkaar. De desillusie sloeg toe en we focusten vooral op onszelf. Geld bleek toch wel prettig voor ons ik-project. "Als je op je twintigste niet links bent, heb je geen hart", hoorde je vaak, "maar als je het op je veertigste nog bent, heb je geen hersens". We lieten ons hart voor wat het was en gingen onze hersens gebruiken. De jaren tachtig en negentig brachten de opkomst van het ik-tijdperk, de teloorgang van sociale verbanden, de schaamteloze zelfverrijking van de sluwsten onder ons, de hebzuchtige ideologie van het neoliberalisme. De huizenmarkt werd als een plofkip uit de bioindustrie, door al die babyboomers die van huis naar huis hun kapitaal vermeerderden. "Boomeritis" noemt de Amerikaanse filosoof Ken Wilber het narcisme van de babyboomers. De grondhouding ervan is: "niemand heeft iets over mij te zeggen." Die houding heeft inmiddels onze hele samenleving doortrokken. Ook jongeren zijn erdoor beïnvloed. Velen van hen hebben als enig ideaal: rijk en beroemd worden. Ze worden te jong volwassen, zou je kunnen zeggen. Maar nu zijn we in de overgang. De voorste rand van de babyboombult bereikte rond de eeuwwisseling de vijftig en schuift langzaam op naar de zestig. Wat betekent dit? Concreet: een sterke afname van geslachtshormonen. Vrouwen bereiken de menopauze en mannen krijgen te maken met een scherp dalende testosteronproductie: de beruchte 'penopauze'. De voortplanting is niet meer dat alles doordringende bevel van binnenuit dat het in onze vruchtbare jaren was. Dat werkt door in onze emoties en onze kijk op de wereld. Onze competitiedrang - die uiteindelijk terug te voeren is op seksuele competitie - neemt af, vanzelf. We worden gevoeliger: de weerstand wordt zwakker, fysiek maar ook emotioneel. Cynisme gaat een beetje pijn doen. Je hebt steeds meer alcohol nodig om erin te blijven geloven. Soms slaat de existentiële wanhoop toe, dwars door alle pantsers heen. Waar gaat het eigenlijk om in het leven? Waarop zal ik trots zijn als ik straks op mijn sterfbed lig? En waarachtig, er komt ruimte voor een spiritueler kijk op de zaken, in de hele samenleving. De kerken lopen lekker leeg, maar daarbuiten bloeit het spirituele leven. Vooral mindfulness, op het boeddhisme geïnspireerd, mag zich in een enorme belangstelling verheugen. Zijn we op weg om mystici te worden, volgens Goethes ontwikkelingsleer? Wat betekent dat dan precies? Voor zover ik kan zien (maar ik ben pas 58) gaat het in spiritualiteit om het relativeren van het 'ik'. Het doorzien van de vergissing dat je van een ik-project gelukkig wordt. Mystici zeggen zelfs dat het hele zelf een illusie is, dat er in werkelijkheid alleen maar één stromende, vloeiende, veranderende eenheid van alles en allen is. Voor ons ik-gerichte babyboomers een enorme ommezwaai. Maar als het lukt en dat besef de tijdgeest gaat bepalen, kunnen we nog mooie tijden beleven. In Koorddanservan juli 2011 een paginagroot stuk: Spiritueel door de overgang"Na de overgang leef je als vrouw niet meer zozeer voor anderen, naar de verwachtingen van anderen, zeggen psychologen. Dan leef je eindelijk helemaal voor jezelf. Je kunt je afvragen: hoe spiritueel is dat eigenlijk? Het klinkt egocentrisch. Heeft spiritualiteit dan niet te maken met een hoger doel dan jezelf? Ja - maar als je je minder bekommert om de mening van anderen, komt er meer ruimte. Voor jezelf, maar interessant genoeg ook voor anderen. Het is een soort ruimte die niet egocentrisch is. Integendeel: geven gaat je beter af, als je ouder wordt." In Paravisievan juli 2011 een artikel van Niels Brummelman met een interview over het nieuwe boek, onder de titel 'De overgang is een bevrijding'. "De overgang... Vrouwen kijken er over het algemeen niet naar uit. De periode waarin zij hun vruchtbaarheid verliezen roept immers associaties op met onaangename verschijnselen als opvliegers, depressies en prikkelbaarheid. Een eenzijdig beeld, zo beweert journaliste Lisette Thooft. 'Alhoewel de overgenag inderdaad een tijd van ongemak, verdriet, pijn en zelfs rouw kan zijn, worden er ook waardevolle transformatieve processen in gang gezet. Processen die kunnen leiden tot verdieping, inzicht en een gevoel van bevrijding.'" Vier sterren in de VolkskrantIn de Boekenbijlage van zaterdag 19 februari schrijft Aleid Truijens dat De Onverzadigbare Vrouw (en de Afwezige Man) 'de charme heeft van het grote, woeste gebaar.'
Ellis van Altena in haar recensie van De onverzadigbare vrouw (en de afwezige man) op www.nieuwwij.nl Hoor en zie Lisette Thooft over De onverzadigbare vrouw (en de afwezige man):
Nachtzoen, 29-12-2010
29-12-2010 | | | | © Lisette Thooft | | ||||